print doorsturen prijslijst

Silvia Vennix en Jolijn Stollman

Basisschool De Schacht in Heerlen is een enthousiast gebruiker van Taal en Spelling in beeld. Mede omdat woordenschat in beide methode een prominente plaats inneemt. Silvia Vennix (directrice) en Jolijn Stollman (leerkracht groep 5/6) vertellen over hun ervaringen.

Waarom hebben jullie voor Taal in beeld gekozen?

Silvia: “We werken met Taal in beeld, omdat deze methode goed aansluit op Veilig leren lezen. Bovendien neemt het onderwerp woordenschat er een belangrijke plaats in. Aan woordenschat willen wij op school extra aandacht besteden, omdat onze kinderen hierin vaak wat achterlopen. Spelling in beeld spreekt ons aan, omdat hierin gewerkt wordt met de categorieën: klankwoord, regelwoord en weetwoord. Zodra de kinderen weten hoe dit werkt, kunnen ze het toepassen op ieder woord. Het werken met deze categorieën is volgens ons een betere manier van spellingonderwijs dan het werken met lettergrepen. Verder heeft Taal in beeld een mooie, rustige lay-out en is de indeling van de lessen zeer overzichtelijk.”

Wat vinden jullie en de leerlingen van de teksten in het lesboek?

Jolijn: “De teksten zijn heel leuk en gevarieerd. In groep 4 hebben we vorig jaar tijdens de woordenschatlessen een aaneengesloten verhaal gelezen over fantasiedieren gelezen. Nu in groep 5 gaat het grote verhaal over Femke en Fatma. De kinderen worden daar echt in meegenomen. Mijn leerlingen zijn ook heel enthousiast over de onderwerpen die in de teksten behandeld worden, bijvoorbeeld als Femke en Fatma elkaar kwijt raken.”

Silvia: “De plaatjes en de verhalen passen goed bij elkaar.”

Hoe werkt de organisatie in de klas?

Jolijn: “In ‘Op verkenning’ gaan de kinderen zelfstandig aan de slag. Daarna bespreek ik de opdracht, zodat ik een goed beeld krijg van wie wat kan en wie wat begrijpt. Hierbij hanteer ik de volgorde van het boek. Daarna kijken we de les klassikaal terug op het Smartboard. De handleiding biedt goede mogelijkheden tot differentiatie. Er worden verschillende opties gegeven voor wat je kunt doen als je iets klassikaal wilt behandelen of juist gedifferentieerd. Ook bevat de methode voldoende extra opdrachten voor snelle leerlingen. Neem bijvoorbeeld de schrijfopdrachten. De kinderen gaan vaak helemaal los en schrijven soms een verhaal van anderhalf kantje! Overigens kun je als leerkracht met iedere opdracht iets leuks doen. Ik laat de vlotte kinderen bijvoorbeeld wel eens een discussie voorbereiden en voor de klas uitvoeren. Dat stimuleert hen enorm.”

Welke kinderen kunnen zelfstandig werken?

Jolijn: “Dat ligt erg aan het onderwerp. Bij een schrijfles gaat ongeveer de helft van de groep zelfstandig aan de slag. En soms behandel ik iets helemaal klassikaal, dus met groep 5 en 6 tegelijk.

Wij werken hier op school met groepsplannen en delen kinderen in als: instructieonafhankelijk (A-kinderen), instructiegevoelig (B- en C-kinderen) en instructieafhankelijk (D- en E-kinderen). Ik merk wel dat ik de A-groep beter zelfstandig aan het werkt krijg dan de overige groepen.”

Wat vinden de kinderen van de lessen?

Jolijn: “De kinderen begrijpen snel hoe de lessen in elkaar zitten en controleren bijvoorbeeld na een les zelf of we het doel gehaald hebben. Ze vinden vooral ‘Woordenschat’ heel leuk om te doen. Nieuwe woorden staan in kleur gedrukt en dan zeggen ze: ‘Kijk juf, daar staat een nieuw woord!’. Ik laat ze dan altijd vertellen wat het betekent en laat op het Smartboard zien of het klopt. Ook over de verhalen in ‘Woordenschat’ zijn ze heel enthousiast. Veel woorden komen terug in het computerprogramma en kinderen die daar al mee geoefend hebben, zijn dan trots dat ze kunnen vertellen wat een woord betekent.”

Wat vinden jullie van de toetsing?

Jolijn: “Ik merk dat kinderen de toetsvragen over aansprekende onderwerpen het beste beantwoorden. De vragen over websites hadden ze in groep 6 tijdens de toets bijvoorbeeld allemaal goed. Soms vind ik onderdelen van de toetsen te makkelijk en soms zijn de toetsen ook te moeilijk. Over het gedeelte voor de woordenschat ben ik wel erg tevreden. Hierbij wordt exact getoetst wat we behandeld hebben in de lessen.”

Hoe is de aansluiting met jullie methode voor begrijpend lezen?

Silvia: “Wij gebruiken nu nog ‘Ondersteboven van lezen’. Het nadeel van deze methode is dat het andere begrippen gebruikt dan Taal in beeld.”

Jolijn: “Taal in beeld bevat informatieteksten en verhaalteksten. Maar Ondersteboven van lezen heeft het over een tekst die iets over de wereld vertelt en een fantasietekst.”

Silvia: “Daarom hebben we besloten om over te stappen op Lezen in beeld. Eenduidigheid is belangrijk, vooral op een school als de onze. Veel kinderen krijgen vanuit huis geen ruime woordenschat mee. Een positief kenmerk van Lezen in beeld zijn de goede online teksten die aansluiten op de actualiteit.”

Welk cijfer zou u Taal in beeld geven en waarom?

Jolijn: “Een 8, omdat je ook als leerkracht een goede houvast hebt.”

Silvia: “Ik hoor van geen enkele collega negatieve dingen.”

 Jolijn Stollman

Jolijn Stollman

 Silvia Vennix

Silvia Vennix