print doorsturen prijslijst

Marije Wessels en Marianne Reijnders

Op basisschool De Draaiende Wieken in Posterholt (Limburg) werken de leerkrachten sinds het schooljaar 2008-2009 met Taal in beeld. Een gesprek met Marije Wessels (leerkracht combinatieklas groep 3/4 en groep 6) en Marianne Reijnders (leerkracht combinatieklas groep 6/7).

Waarom hebben jullie gekozen voor Taal in beeld?

Marianne: “Een werkgroep heeft een aantal methoden geselecteerd en daarmee zijn we oefenlessen gaan doen. Taal in beeld kwam als beste uit de bus. De methode die we voorheen gebruikten, was oud en beviel niet meer. De lessen hadden te weinig samenhang en bevatten te veel verschillende thema’s. Taal in beeld start met een duidelijke doelstelling en behandelt één onderwerp per les. Als leerkracht kun je de onderwerpen goed uitdiepen en oefenen. Daarnaast vinden we de lay-out van de methode erg mooi. De vaste structuur van de lessen is zowel voor de leerlingen als voor ons prettig. Ook de uitleg in het boek voor de leerlingen is erg duidelijk en echt geschreven op kindniveau.”

bevalt het werken met Taal in beeld?

Marianne: “Een sterk punt van de methode zijn de remediërende materialen. Ook is de methode compact. We komen altijd goed uit met onze tijd. De veertig weken van het schooljaar zijn niet volgestopt. We komen dan ook niet in de knel op het moment dat lessen uitvallen door excursies en dergelijke. We krijgen het boek altijd uit. Een van de aandachtspunten is wel, dat sommige lessen over spreken en luisteren te makkelijk zijn. Wij zouden liever een aantal lessen samengevoegd zien. Andere onderwerpen zoals het meewerkend voorwerp komen volgens ons juist weer niet vaak genoeg aan bod.”

Marije: “Ik los dit op door iedere week even aandacht aan deze onderwerpen te besteden. Naarmate je langer met een methode werkt, bedenk je zelf oplossingen voor de dingen die je minder goed vindt werken.”

Hoe gaat de organisatie in de klas?

Marianne: “Qua organisatie in de klas werkt Taal in beeld heel prettig. Het lesgeven aan de drie niveaus verloopt soepel. De lessen zijn handelingsgericht, je werkt echt naar het lesdoel toe. Aan het einde van de les bekijken we of het doel gehaald is, of kinderen ergens moeite mee hadden en of we daar nog extra aandacht aan moeten besteden. Alle kinderen kunnen de teksten zelfstandig lezen, maar soms hebben ze wat extra uitleg nodig over hoe ze een opdracht moeten uitvoeren.”

Marije: “Wij laten de leerlingen individueel, maar ook in duo’s en groepjes werken. Een werkvorm die we hier wel eens gebruiken bij de lessen spreken en luisteren, is ‘Mix tweetal gesprek’. Kinderen moeten dan door de klas lopen en op een stopteken van ons een opdracht uitvoeren met degene die het dichtst bij hen staat.”

Hoe werkt Taal in beeld in een combinatieklas?

Marianne: “Ik kijk altijd of er overeenkomsten zijn in de twee lessen. Fijn is dat je met de beide groepen altijd aan eenzelfde onderwerp werkt: spreken en luisteren, woordenschat of taalbeschouwing bijvoorbeeld. Soms is het zo dat de les van groep 7 een uitbreiding is van die van groep 6. Ik geef dan een algemene instructie die voor groep 6 nieuw is en voor groep 7 een herhaling. De nieuwe onderdelen voor groep 7 behandel ik dan als groep 6 aan het werk gaat.”

Wat vindt u van de teksten?

Marije: “Het zijn leuke, moderne teksten. Het is een heel afwisselend boek. Ik hoor ook nooit dat leerlingen een tekst saai vinden. Vooral informatieve teksten waarvan ze veel kunnen leren, vinden ze leuk. De tekst over verschillende soorten vissen bijvoorbeeld.”

Wat vindt u van de toetsing?

Marianne: “Als na een toets blijkt dat een deel van de groep een onderwerp onvoldoende beheerst, dan biedt de methode voldoende extra opdrachten. Punt van aandacht is wel, dat het bij een aantal vragen niet duidelijk is wat je goed en fout moet rekenen. Bijvoorbeeld bij de opdracht ‘schrijf een inleiding’ is mij niet duidelijk wanneer je het antwoord goed moet rekenen en wanneer fout.”

Hoe bevalt het werken met de software?

Marianne: “Wij gebruiken het computerprogramma Woordenschat. De kinderen werken er graag mee. Eigenlijk is Woordenschat bedoeld als remediërend middel, maar wij laten alle kinderen er zelfstandig mee werken. Als tijdens een toets blijkt dat een kind iets niet goed beheerst, zetten we Woordenschat ook in als remediërend middel.”

 Marije Wessels

Marije Wessels

 Marianne Reijnders

Marianne Reijnders